Preventie nodig om gezondheidsongelijkheid te verkleinen

chips en appel
05 oktober 2020

“De gezondheidsverschillen tussen bewoners van ‘goede’ en ‘slechte’ wijken zijn gigantisch”, schrijft Michiel van der Geest in een artikel dat dit weekend in De Volkskrant verscheen. “Lageropgeleiden leven maar liefst 15 jaar minder in goede gezondheid dan hogeropgeleiden. De ongelijkheid groeit, en de coronacrisis maakt dat nog eens erger." Van der Geest vraagt zich af waarom er niet veel meer wordt ingezet op preventie.

Volgens het CBS leven Nederlanders met als hoogst genoten opleiding het vmbo ruim zes jaar korter dan hoogopgeleiden. Bovendien leven zij bijna vijftien jaar minder in goede gezondheid dan mensen met een hbo- of universitaire opleiding. 

Laagopgeleiden vaker leefstijlziekten

Laagopgeleide Nederlanders hebben bijna zes keer zo vaak diabetes, twee tot drie keer zo vaak de longziekte COPD, hebben ruim twee keer zo vaak last van chronische stress, angst of depressie, ruim tweeënhalf keer zo vaak obesitas. 

Gezondheid en sociaal-economische status hangen dus nauw met elkaar samen. In arme wijken roken de bewoners vaker, bewegen ze minder, hebben ze vaker overgewicht. De enige ongezonde leefgewoonte die juist onder hoogopgeleiden vaker voorkomt, is alcoholgebruik.

Gezondheidsverschillen

De coronacrisis vergroot de kloof tussen arm en rijk (en dus laag- en hoogopgeleid) alleen maar verder. Het virus treft de armste wijken het hardst. Voor die ongelijkheid zullen we volgens Jet Bussemaker uiteindelijk een ‘ontzettend hoge prijs’ betalen. Bussemaker is oud-staatssecretaris Zorg en oud-minister van Onderwijs. Tegenwoordig is ze hoogleraar in Leiden en voorzitter van de Raad voor Volksgezondheid & Samenleving (RVS).  Deze Raad bracht dit weekend het essay Gezondheidsverschillen voorbij uit, een oproep tot een brede maatschappelijke verandering om de verschillen te verkleinen.

Bussemaker in het artikel: “Als we niets doen, worden de verschillen zo groot dat bij grote groepen mensen het vertrouwen in de overheid verder afneemt. Dat leidt tot maatschappelijke onrust, waarvan iedereen in de samenleving last krijgt. Deze ongelijkheid is dé sociale kwestie van het moment.”

Meer regie vanuit de overheid

De ambitie om te veranderen is er wel, ook bij het Ministerie van Volksgezondheid. In 2040 moeten de gezondheidsverschillen met 30 procent zijn afgenomen. Maar als we doorgaan zoals nu komen we daarbij niet eens in de buurt. De overheid leunt te veel op de eigen verantwoordelijk van burgers voor hun eetpatroon en hun rookgewoontes, en zou dus zelf meer verantwoordelijkheid moeten nemen. 

Bussemaker: “We hadden veel te hoge verwachtingen van de zelfredzaamheid van burgers.” De aanpak om de verschillen te verkleinen moet zich niet (alleen) concentreren op gezond eten of het stoppen met roken, er moet worden gezocht naar de oorzaken achter de oorzaken, betoogt de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving in het nieuwe essay.

Lees hier het hele artikel. 

Deel dit artikel op social media

Gerelateerde artikelen